Voor mijn ogen vanuit mijn werkkamer heeft zich een fascinerend schouwspel voltrokken in coronatijd. Twee watervogels, korhoenders naar ik aannam, bouwden in ondiep water een nesteiland van takken. Ik noemde hen Cor en Cora. In dat nest werden door de moeder acht eitjes met succes uitgebroed. Het was vermakelijk te zien hoe de roodgele snaveltjes van de kleintjes de snavel van vader vonden en door hem werden gevoed. Al spoedig ging het hele gezin eropuit, om daarna weer terug te keren naar het veilige honk. Vader waakte over zijn kroost. Als naar zijn zin een eend te dichtbij kwam, stoof hij eropaf en sloeg met zijn vleugels op het water. Door die deining nam de eend wat meer afstand. Ik werd getroffen door de goede samenwerking tussen beide ouders. De kleintjes groeiden als kool. Na vier weken waren ze al bijna zo groot als hun ouders en kwamen ze nog maar onregelmatig bij het nest. Alleen hun grijzige donzige haar onderscheidde hen nog van hun ouders. Wat een heerlijke ontwikkeling. Alsof er geen corona bestaat. En de belangrijke waarden die we in deze periode hebben herontdekt: zorgzaamheid, saamhorigheid en verantwoordelijkheid voor elkaar, ze speelden zich in het dierenrijk voor mijn ogen af. Inmiddels heeft de moeder in hetzelfde nest een tweede serie eitjes uitgebroed. De geschiedenis herhaalt zich. Dit is mijn eerste leerpunt: over de schepping valt een diepe schaduw, maar ze laat ook het goede zien dat God erin heeft gelegd. Cor en Cora zijn daarvan de stille, actieve getuigen.

Er is nog iets wat mij aan het denken zette. Deze twee vruchtbare watervogels zijn gitzwart, met een witte snavel en een wit voorhoofdsschild. Maar wacht eens even: zijn dit wel korhoenders? Enig onderzoek bracht snel opheldering: nee, het zijn geen korhoenders, het zijn meerkoeten! Dat brengt me bij een onderwerp dat op het ogenblik de gemoederen danig in beweging houdt. God heeft deze dieren prachtig zwart gemaakt. Maar ze waren niet waar ik ze voor heb gehouden. Het lijkt de mensenwereld wel. God heeft een deel van de mensheid een mooie donkere huidskleur gegeven. Andere delen van de mensheid hebben andere kleuren gekregen. En die mensen, vooral de andere, zijn vaak niet waar wij ze voor houden. Je moet de tijd nemen om je in hen te verdiepen. Dan zie je prachtige dingen voor je ogen gebeuren. Tijdens mijn aanblik van de gezinsvorming door het meerkoetenpaar speelde de zwarte kleur van de dieren geen enkele negatieve of positieve rol. Het ging gewoon om een volwaardige vogelsoort die in deze twee vertegenwoordigers heel mooie dingen liet zien. Deze onbevangenheid tijdens mijn observaties wijst ons de richting hoe wij als uiterlijk verschillende mensen onbevangen met elkaar om kunnen gaan.

Bert Loonstra